Om thuis de woordpakketten in te oefenen werden ze opgenomen. Kies het woordpakket dat je wil oefenen.
 

Woordpakket 1 Woordpakket 6 Woordpakket 11 Woordpakket 16 Woordpakket 21 Woordpakket 26
Woordpakket 2 Woordpakket 7  Woordpakket 12 Woordpakket 17 Woordpakket 22 Woordpakket 27
Woordpakket 3 Woordpakket 8  Woordpakket 13  Woordpakket 18 Woordpakket 23  Woordpakket 28
Woordpakket 4 Woordpakket 9 Woordpakket 14 Woordpakket 19  Woordpakket 24   
Woordpakket 5 Woordpakket 10 Woordpakket 15  Woordpakket 20 Woordpakket 25   


Woordpakket 1

Denk aan:

Het spellied om te helpen bij
ng of nk
aai, ooi of oei
ieuw, eeuw of uw

Is het nu ei of ij? Het ei-lied kan helpen.

Is het ou of au? Luister naar het au-lied.

Verlengen bij d of t 
 

Woordpakket 2
Terug



Verdubbelen 

Woordpakket 3
Terug



Verenkelen
 

Woordpakket 4
Terug

Denk aan:

Verdubbelen
Banaanwoorden 
 

Woordpakket 5
Terug

 
 

Woordpakket 6
Terug

 


Verenkelen of verdubbelen? 

Woordpakket 7
Terug

 
 

Woordpakket 8
Terug

 

Woordpakket 9
Terug

 

Woordpakket 10
Terug

 

Woordpakket 11
Terug

 
 

Woordpakket 12
Terug

 

Woordpakket 13
Terug

 
 

Woordpakket 14
Terug

 

Woordpakket 15
Terug

 
 

Woordpakket 16
Terug

 

Woordpakket 17
Terug

 

Woordpakket 18
Terug

 

Woordpakket 19
Terug

 

Woordpakket 20
Terug


 

Woordpakket 21
Terug

Woordpakket 22
Terug

 
 

Woordpakket 23
Terug

 

Woordpakket 24
Terug

 

Woordpakket 25
Terug

 

Woordpakket 26
Terug

 

Woordpakket 27
Terug

 

Woordpakket 28
Terug